Nazorg

In het kort

Na de behandeling willen we vooral voorkomen dat er nieuwe gaatjes komen. In de nazorgperiode leert u hoe u tandbederf voorkomt en leert uw kind rustig in de stoel te liggen. Is het gebit stabiel, dan verwijzen we u terug naar uw eigen tandarts.

De nazorgperiode

Kinderen die op jonge leeftijd naar ons doorverwezen worden hebben één ding gemeen: ze hebben allemaal cariës (tandbederf, gaatjes, “de wolf”). Dat kunnen we natuurlijk allemaal vullen, weghalen of weer mooi maken, maar we moeten vooral zorgen dat het niet meer zover komt. Nooit meer. Daarom willen we graag dat u meer aandacht aan het gebit van uw kind gaat besteden. Dat kan bij de tandarts die u doorverwezen heeft of bij ons.

Tijdens die nazorgperiode is het de bedoeling dat we u leren wat de beste manier is om tandbederf te voorkomen (zie ook de informatiefolders over tandenpoetsen, het eerste tandartsbezoek of het melkgebit) en we leren uw kind om rustig en ontspannen in de stoel te blijven liggen bij de tandarts.

Tandbederf voorkomen

We horen het u al zeggen: ze snoept nooit en ik poets me een slag in de rondte, dat kán niet beter. En dat zal best, maar eerlijk gezegd: u zult wel beter moeten.

Een collega zei ooit eens: “als je zwakke enkels hebt moet je niet gaan hardlopen.” Dus als uw kind zonder aanwijsbare oorzaak gaatjes krijgt, zult u goed moeten weten wat de oorzaak is en er dan iets aan doen. Dat betekent dat de schade nu of in het verleden is aangericht, maar dat we in elk geval moeten zorgen dat het vanaf nu beter gaat. En daar kunnen we u bij helpen.

Terug naar uw eigen tandarts

Na verloop van tijd, een aantal bezoeken, is er meestal een situatie bereikt waarin het (melk)gebit van uw zoon of dochter stabiel is. Geen nieuwe gaatjes en u kunt het goed schoonhouden. Dat is het moment dat we u weer terug willen sturen naar uw eigen tandarts. Dan kunt u gewoon met het hele gezin naar de tandarts. Voor eventuele vragen of problemen kunt u ons zo nodig via uw tandarts weer bereiken.